overpeinzing 02
Water en vervoer over water, landwegen en spoor.
Water is altijd belangrijk geweest. Te veel is niet goed.
De boeren in de Beerse Overlaat, of ook wel Beersche Maas genoemd, wisten nooit wanneer en hoelang hun land onder water zou komen te staan. Bebouwen en beplanten mocht niet, dit kon de doorstroming belemmeren.
Te weinig water is ook niet goed. Bijvoorbeeld door de kanalisering van de Aa verslechterden de houten palen in de fundering het landgoed Seldensate zodat het verval van het landgoed begon.
De Beerse Overlaat werd tot de dertiger jaren van de vorige eeuw gebruikt wanneer het bij belegeringen van Den Bosch noodzakelijk werd om de omgeving onder water te zetten. Maar ook toen de Maas heel hoog stond werd de overlaat gebruikt. Door het water bij Beers over het land te laten stromen werden hoge waterstanden voorbij Den Bosch ‘uitgesteld’. Daardoor konden de Dieze, de Dommel, de Aa en Leijgraaf langer hun water via de ‘fuik’ van Den Bosch blijven afvoeren.
Volgens de Tijd op 16 juli 1927 stond het water na verscheidene onweersbuien 30 cm hoog op de akkers langs de Leijgraaf ten hoogte van Uden. Dat is een groot verschil met het krantenbericht van Het Vaderland van 30 juli 1921 toen er bericht werd dat de bedding van de droogstaande Leijgraaf een beter fietspad was dan de mulle zandwegen in de omgeving.
De Aa en de Leijgraaf voeren beide water van de peelrandbreuk af. De Aa vind zijn oorsprong in de omgeving van Meijel, de Leijgraaf ontstaat in de omgeving van Boekel waar enkele sloten voor aanvoer zorgen. Oorspronkelijk was de Leijgraaf waarschijnlijk een laagte, waardoor het water door een ‘moerassig’ gebied richting Den Bosch stroomde/vloeide. Oude namen hiervoor zijn het Goor, de Meer of de Jeucke. De naam Leijgraaf [die Leygrave] staat voor het eerst in 1473 in het schepenprotocol van Den Bosch.
Mogelijk werd er o.a. gegraven bij watermolen ‘ter steen’ bij kasteel Heeswijk omstreeks 1233. Dit om de laagte niet alleen te laten afvoeren via de Wamberg, maar ook naar de Aa. In 1919 werd in Erp bij Mr. A.E.J. baron Van Voorst tot Voorst [Commissaris van de Koningin in Noord-Brabant] geklaagd over wateroverlast, waarschijnlijk vanwege het ten onrechte dempen van de afvoer via de Wamberg. Het water afvoerend vermogen zou hierdoor veel slechter geworden zijn. Langs de Leijgraaf zijn voor de oplettende wandelaar drie soorten vistrappen die zien, die het voor de vissen mogelijk maken om verder stroomopwaarts langs de stuwen te komen.