overpeinzing 07
“Het katholieke zuiden moet Katholiek blijven” en protestanten mogen werken en 20 km naar hun kerk. Godsdienstige en financiële belangen.
De vraag naar veel arbeiders in de Peel zorgde ervoor dat er nieuwe dorpen gesticht werden. In de Brabantse Peel waren dat: Elsendorp, Landhorst, Odiliapeel, Rips, Stevensbeek, Someren-Heide, Venhorst, Westerbeek, Wilbertoord en Helenaveen. In de Limburgse Peel waren dat Evertsoord, Grashoek, Vredepeel, Ysselstein en Griendtsveen.
Soms kreeg een dorp een mooie naam zoals bijvoorbeeld Vredepeel.
Toch was men daar realistisch, een straat heet Vredeweg en een andere straat heet Twistweg. Deze naam herinnert aan de vele twisten, ruzies en oorlogjes die in het gebied regelmatig voorkwamen.
Geloof kon een goede reden hiervoor zijn. Veel nieuwe grootgrondbezitters waren protestants. In Sambeek kwam een protestantse jonkheer in het bezit van modelboerderij Lactaria. Via een stroman kocht de gemeente in 1933 het bezit terug om er een dorp, kerk en boerderijen te stichten. De motivatie werd bekend gemaakt:
“Wij van onze kant vreesden, en niet ten onrechte, dat hier onze Katholieke Eenheid zou worden verbroken en dit moest ten koste van alles worden voorkomen.” “Het Katholieke Zuiden moet Katholiek blijven.”
In de omgeving van Elsendorp moesten de protestanten naar de kerk in Veghel of Boxmeer. Dat is dan wekelijks een afstand van ongeveer 20 km te voet of met paard en wagen om je geloof te belijden. In 1918 kon de protestantse gemeenschap een arbeiderswoninkje in gebruik nemen als kerk. In 1927 kwam de nieuwe kerk voor de hervormde gemeenschap gereed.
Soms waren het ook gewoon financiële belangen.
Terwijl steeds meer gemeenten hun gronden aan investeerders verkochten, besloot de gemeente Deurne zelf het eigen hoogveen te gaan ontginnen. Daarbij ontstond onenigheid met de familie van de Griendt. Dit was een machtige familie met grote ontginningen en verkoop van turf en turfmolm.Het dorp Griendtsveen is naar deze familie genoemd. Door de onenigheid zag Deurne zich genoodzaakt om een eigen kanaal te graven. Dit loopt vanaf het Noorderkanaal in Limburg over een afstand van 15 km bijna evenwijdig aan elkaar tot natuurgebied Het Zinkske op de grens van Brabant en Limburg.