overpeinzing 26
Om zicht te houden op zulke ontwikkelingen heeft de SER [Sociaal Economische Raad] op verzoek van de regering in 2024 een advies uitgebracht voor de groenblauwe sector. Hieronder valt alles wat met water, grond en bodem te maken heeft. Dus bijvoorbeeld de landbouw, agro- en voedselindustrie en natuurbeheer. Hierin zijn ongeveer 620 duizend mensen werkzaam. Deze hebben soms, op het eerste oog, verschillende belangen en toepasbare kennis.
Onder de lijn Etten-Leur, Breda en Tilburg liggen verschillende min of meer kleinere natuurgebieden die toch van grote waarde zijn. De Krabbebossen, het Ulvenhoutsebos, de Vloeiweide en het Liesbos herbergen nog steeds bijzondere planten zoals bijvoorbeeld de bosanemoon. Waarbij bijvoorbeeld de Vloeiweide duidelijk een gebied is waar, zoals meer in de Belgische grensstreek, kalkrijk water vanuit het hoger gelegen België als voeding binnen gelaten werd. Dit water stroomde via de Bijloop en de Turfvaart vanuit België naar Breda, waar ze samenkomen in de Aa of Weerijs.
Het Liesbos is het grootste zomereikenbos van Nederland. De Graven van Nassau, later de familie van Oranje-Nassau, gebruikten dit bos al in de 14e eeuw voor de jacht en ook voor de bosbouw. Al in de 16e eeuw werd het vanwege de toenemende behoefte aan brand en timmerhout belangrijk om toezicht in de bossen te houden. Houtdiefstal, stroperij en het weiden van varkens [eikels waren belangrijk voedsel voor varkens] was o.a. de aanleiding voor de aanstelling van de eerste boswachter voor het Liesbos. Behalve handhaving moest deze ook zorgdragen voor de bosbouw: ”bercksaet, elsensaet en allerhande plantsoensaet te saijen, het plantsoen versetten ende andere te coopen, om de selve onse bosschagien te verdichten”.
Het eeuwenlange beheer van ruimen, kappen om te dunnen, kappen om hakhout [schaarhout] terug te zetten kan in sommige bossen leiden tot eeuwenoude ‘stoven’ [kernen] die bovengronds bijna niet te zien zijn vanwege het betrekkelijke jonge hout dat nog bovenop de stoof staat. Op die manier zijn dus op zulke plaatsen ook dus min of meer weinig voorkomende soorten te vinden zoals de zomereik, de fladderiep en rozensoorten zoals bijvoorbeeld de egelantier.
De waterhuishouding is dus, samen met het overige beheer, van zo’n gebied heel belangrijk. En dat valt dus niet altijd mee, bijvoorbeeld bij het Ulvenhoutse-bos.
In 2022 werd langs de Bosrand te Ulvenhout een verticale kleiwand aangebracht om de hogere waterstanden in het bos ten opzichte van de woonwijk mogelijk te maken. Vanwege de hoge kwaliteitseisen voor het water vanuit Natura-2000 eisen bleek het uiteindelijk toch niet haalbaar. In 2017 is er al een kwaliteitsanalyse voor o.a. het Ulvenhoutse-bos gemaakt.
En zo spelen dus vele belangen, verwachtingen en eisen in het landschap dat steeds blijft veranderen. Om zicht te houden op zulke ontwikkelingen heeft de SER [Sociaal Economische Raad] op verzoek van de regering in 2024 een advies uitgebracht voor de groenblauwe sector. Hieronder valt alles wat met water, grond en bodem te maken heeft. Dus bijvoorbeeld de landbouw, agro- en voedselindustrie en natuurbeheer. Hierin zijn ongeveer 620 duizend mensen werkzaam. Deze hebben soms, op het eerste oog, verschillende belangen en toepasbare kennis. Hierdoor ontstaan onderlinge afstanden, die onder andere door het delen van kennis overbrugt kunnen worden. Het advies is dus om te investeren in meer onafhankelijke kennis en advies.